Titel:Beethoven
Auteur(s):
Jaar:1998
Uitgever:Schirmer Trade

beetboekBiografieën over Beethoven zijn dik gezaaid, maar die van Maynard Solomon zou één van de betere zijn. Na het lezen ervan bleek dit inderdaad zo te zijn, al drukt Solomon soms wel erg nadrukkelijk zijn eigen stempel op het leven van de bekende componist. Het is dan ook net geen standaardwerk te noemen.

Dat Beethoven geen gemakkelijke man was, is alom bekend. Toch slaagt Solomon erin om dankzij zijn leesbaar proza dit ook daadwerkelijk over te brengen. Van de troebele afkomst van Beethoven tot zijn problemen met elke persoon van het vrouwelijke geslacht: het wordt allemaal op een heldere manier vertelt die de componist tot leven weet te brengen. Er wordt niet getracht om bepaalde kwalijke eigenschappen te verdoezelen, Beethoven was een soms ronduit onuitstaanbaar persoon die moeilijk was om in omgang te hebben. Maar het was ook iemand die nood had aan erkenning, aan mensen om hem heen die hij als familie kon aanzien, en aan iemand met wie hij zijn leven zou kunnen delen.

Dat dit nooit is gelukt, is welbekend. Dat Beethoven een geheimzinnige ‘immortal beloved’ had, is één van de legendes die hem blijft achtervolgen. Veel namen zijn al op deze geheimzinnige persoon geplakt, maar in dit boek ‘bewijst’ Solomon eindelijk wie deze persoon is. Talrijke pagina’s besteedt Solomon aan Josephine Brunsvik, de enige persoon die volgens hem aan de beschrijving kan voldoen. Toch blijkt ook hier al snel dat zijn bewijs eerder van zeer oppervlakkige aard is, en het siert de schrijver dan ook dat hij dit na het schrijven van het boek heeft toegegeven.

Ook de vele psychologische passages, waarin Solomon dan diep in Beethovens psyche graaft om hem dan te proberen te begrijpen zijn eerder van dubieuze aard. Vooral als dit dan op Beethovens muziek wordt toegepast, zijn de conclusies tot dewelke Solomon komt soms ver gegrepen.

Toch zijn dit slechts korte stukken in een voor de rest lijvig boek. Het hele leven van Beethoven wordt zo goed mogelijk beschreven, en dit lukt Solomon zonder zich in details te verliezen. Nooit wordt het langdradig of saai. Dit komt ook omdat Solomon vaak even van het leven van Beethoven wegdraait en zich wendt tot de muziek die tot stand is gekomen tijdens dat punt in Beethovens leven. Het wordt nooit te technisch, maar Solomon schuwt de muziektermen niet. Er wordt uitgelegd voor wie de stukken geschreven waren, wat hun functie was in de samenleving en wat hen zo uitzonderlijk maakte. Ook invloeden van anderen worden genoemd.

Solomons’ Beethoven biografie is niet de meest moderne die er bestaat: er wordt geen superheld van hem gemaakt die de ene vrouw na de andere verslindde en het relaas wordt vaak onderbroken voor muziekonderzoek, maar er wordt gezocht naar een evenwichtig relaas dat de echte man en zijn muziek probeert voor te stellen. De psychologische passages zijn wat vergezocht maar doen niet echt afbreuk aan de rest van het boek. Het hoofdstuk over de ‘Immortal Beloved’ kan gezien worden als een amusante denkoefening, maar de echte identiteit ervan zullen we waarschijnlijk nooit te weten komen.

Titel:Het Ware Leven van Johann Sebastian Bach
Auteur(s):
Jaar:2000
Uitgever:Open Domein, De Arbeiderspers
Waardering:

eidam-bachIn 2000 was het 250 jaar geleden dat J.S. Bach overleed. Het is dan ook weinig opzienbarend dat er een kleine opleving ontstond in de publicatie van biografisch werk over de persoon Bach. Het boek “Het Ware Leven van Johann Sebastian Bach”, geschreven door theatermaker Klaus Eidam, is een van de titels die toentertijd verscheen. Eidam is tevens als scenarist verantwoordelijk voor een miniserie over het leven van Bach uit 1985. De man is dus geen musicoloog, iets dat niet automatisch een probleem hoeft op te leveren bij het schrijven over muziek, ware het niet dat hij zijn enthousiaste dilettantisme bijna ieder hoofdstuk zeer scherp tegenover de gevestigde Bach-kenners in stelling brengt.

Het dedain waarmee Eidam regelmatig zijn collega’s op hun plaats meent te moeten zetten is het grootste zwaktepunt van het boek. De auteur beroept zich regelmatig op eigen onderzoek in diverse archieven en sommige van zijn ontdekkingen – die het gevestigde beeld van Bach op losse schroeven zetten – zouden zelfs opzienbarend genoemd kunnen worden, maar eveneens lastig te verifiëren aangezien het boek een wetenschappelijk bronvermelding mist.
Eidam tracht bijvoorbeeld, met behulp van officiële documenten uit de tijd van Bach, de omgang van de stadsraad van Leipzig met de componist kritischer te benaderen, deels om de mythe van Bach als “moeilijk persoon” te ontkrachten. Helaas verpakt Eidam dergelijke ontdekkingen te gretig in schimpscheuten richting grote namen als Philipp Spitta en Albert Schweitzer, ook al publiceerden zij respectievelijk in 1873 en 1905 hun Bach biografie. In de eerste hoofdstukken is het nog lichtelijk amusant om Eidam zo fel en ietwat sikkeneurig van leer te zien trekken tegen Bach-kenners, maar het wordt snel vermoeiend, zeker als dergelijke monologen pagina’s in beslag nemen en het puur biografische gedeelte in de weg gaan zitten.

Een ander voornaam punt van kritiek is de behandeling van Bach als persoon. Na het lezen van de biografie blijft er geen echt beeld hangen van wie Bach nu eigenlijk als persoon was. In zijn biografie over Beethoven slaagt Maynard Solomon hier bijvoorbeeld wel in, ondanks wat onnodig gepsychologiseer. Solomon heeft natuurlijk wel het voordeel dat zijn biografisch onderwerp leefde in een tijd waarin egodocumenten meer gemeengoed waren en ook de conversatieboeken die Beethoven in zijn levensfase van vergaande doofheid bijhield geven een bijzonder beeld van de componist – ondanks alle misplaatste opkuiswerkzaamheden van Anton Schindler.

De relatieve overvloedigheid van biografisch materiaal in het geval van Beethoven is veel minder aan de orde bij J.S. Bach en werkt wellicht nadelig in het scheppen van een persoonlijk beeld van de componist. Natuurlijk waagt Eidam zich aan een karakterschets en beschrijft hij getrouw de vele gebeurtenissen die de componist zijn overkomen. Wat echter beklijft is meer een Bach als “onbeschreven blad” onderhevig aan allerhande sturende (voornamelijk negatieve) invloeden van buitenaf – de stadsraad van Leipzig, Johann August Ernesti, de kerk, de vrouw van de Prins Leopold van Anhalt-Köthen, etc.
Voor Klaus Eidam lijkt het leven van Johann Sebastian Bach vooral te bestaan uit de Moedige Overlevingstrijd van zijn Bescheiden Held tegen de Machinaties van de Gevestigde Orde1. De vraag blijft echter of het leven van Bach een dergelijke invulling nodig heeft.

  1. Jazeker, met Heroïsche Hoofdletters.